Home

 

Actueel Nieuws

Belastingpakket 2019

Op Prinsjesdag 2018 heeft het kabinet-Rutte III het pakket Belastingplan bekendgemaakt. Dit pakket bestaat met name uit plannen die het kabinet al in het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de toekomst’ heeft aangekondigd. Het Belastingpakket 2019 bevat een zevental afzonderlijke wetsontwerpen: –Belastingplan 2019, Overige fiscale maatregelen 2019, Wet bronbelasting 2020, Fiscale vergroeningsmaatregelen 2019, Wet implementatie artikel 1 richtlijn elektronische handel, Wet modernisering kleineondernemersregeling en Wet aanpassing kansspelbelasting voor sportweddenschappen.

Saldomethode niet mogelijk na aftrek lijfrentepremies

Bij het belasten van lijfrente-uitkeringen geldt onder voorwaarden de saldomethode, maar deze methode mag alleen worden toegepast als de verzekeringnemer aannemelijk kan maken dat hij de betaalde lijfrentepremies in het verleden nooit in aftrek heeft gebracht.

Ook ‘inactieve’ ondernemer heeft recht op vooraftrek btw

Een ondernemer wiens btw-identificatienummer in een bepaalde periode is ingetrokken en die in dezelfde periode wel prestaties ten behoeve van btw-belaste handelingen afneemt, heeft in principe gewoon recht op de aftrek van voorbelasting, zo heeft het Europese Hof van Justitie bepaald.

Geen recht op btw-teruggaaf na veel te late aangifte

Een ondernemer die pas na de ontvangst van een naheffingsaanslag omzetbelasting zijn btw-aangifte indient en hierin om een teruggaaf verzoekt, heeft geen poot om op te staan als de inspecteur het teruggaafverzoek naast zich neerlegt. De aangifte is dan namelijk te laat ingediend, zo oordeelde Rechtbank Noord-Nederland.

Vrije ruimte en toepassing van de concernregeling

Om de concernregeling uit de werkkostenregeling te kunnen toepassen moet er sprake zijn van een aandelenbelang van ten minste 95% gehouden door één van de inhoudingsplichtigen in de andere inhoudingsplichtige of een derde die in beide inhoudingsplichtigen een dergelijk belang heeft.

Traag handelende inspecteur kan niet meer corrigeren

Een echtpaar had een extra lening als eigenwoningschuld aangemerkt. Het feit dat de inspecteur de aangiften van eerdere jaren volgde, betekent niet dat de wettelijke eis van staving met schriftelijke bescheiden vervalt. Wel verwerkt de inspecteur mogelijk zijn rechten door pas na jaren bewijs op te vragen.